Naar inhoud

Historisch overzicht trage wegen

De Romeinse heirwegen vormden het eerste grote wegennetwerk dat heel Europa doorkruiste. In de middeleeuwen waren er vooral lokale verbindingen. De eerste steenwegen werden in de 18e eeuw aangelegd op bevel van keizerin Maria-Theresia. In de 19de eeuw werd de basis van het huidige wegennet gelegd (wet van 10 maart 1838).

De wet van 10 april 1841 op de buurtwegen had de bedoeling te zorgen voor goede verbindingswegen. Die waren van groot economisch belang voor het nog jonge België. De tracés van de buurtwegen (de wegen buiten de bebouwde kom) werden vastgelegd en de buurtwegen werden in kaart gebracht in de atlassen der buurtwegen. De gemeenten kregen de verantwoordelijkheid om de wegen berijdbaar te houden.

Het gevolg van deze wet was dat het aantal verharde buurtwegen steeg van 3.040 km in 1840 tot 6.376 km in 1850. Buurtwegen en gemeentewegen vormen samen de kleine wegen. De gewestwegen, de provinciale wegen en de snelwegen vormen de hoofdwegen.
Na de tweede wereldoorlog steeg het aantal wegen enorm toe . Veel buurtwegen verloren vanaf de jaren ’60 als gevolg van de toename van het gemotoriseerde verkeer, hun functie. Het sociaal-cultureel klimaat was niet erg bevorderlijk voor het instandhouden van kleine wegen.

Volgens de “Atlas der buurtwegen” zijn er in Wetteren zo'n 156 buurtwegen en 77 voetwegen. Massemen en Westrem beschikken volgens de “Atlas der Buurtwegen” over 73 buurtwegen en 36 voetwegen.